- Indiaweb - http://www.indiaweb.nl -

Religie

Omstreeks 1500 voor Christus migreerden geleidelijk de Ariërs naar Centraal Azië en India. Hun een cultuur was verwant met die van de vroegste Germanen. Hun 33 goden hadden hetzelfde karakter als de menselijke heldendichten van de Grieken of de Noorse sagen.
Zij geloofden dat de goden het menselijk leven beïnvloedden, dus was het raadzaam hun hulp in te roepen en hen gunstig te stemmen met gebeden en offers. Deze offers bestonden aanvankelijk uit groente en fruit, maar nadien ook uit dieren, een gebruik dat de buddhisten later zouden verwerpen.
Deze opvattingen zijn terug te vinden in de hymnen van Rig Veda, geschreven in het Sanskriet, die deel uitmaken van de heilige literatuur van het hinduïsme. Andere belangrijke werken: Sama Veda en Yajur Veda.
Hindupriesters hanteerden het Sanskriet, een taal die zij alleen mochten aanleren, en niet het volk. Hierdoor bouwden zij zich een machtspositie uit. Hinduïsme is een begrip dat pas omstreeks 1830 in de Engelse literatuur zijn intrede deed en globaal de Indische cultuur van ongeveer de laatste 2000 jaar aanduidt, als voortzetting van de oudere vedisch-brahmanistische beschaving.
Het hinduïsme, waarin ook elementen van de Indusbeschaving (2500-1700 vC.) en de daaropvolgende Vedische godsdienst te vinden zijn, is de oudste nog bestaande godsdienst, maar heeft vele sekten en scholen.
Het ‘brahman’ is de ontvouwing van één goddelijk principe. Doordrongen zijn van goddelijkheid en reinheid loopt in rangorde via de goden, de priesters (brahmanen), de lagere kasten naar dieren en dingen.
De mens moet het goddelijke in zijn persoon verwerken en er zich mee verenigen. Zijn gehechtheid aan de wereld leidt ertoe dat hij gedoemd is om altijd opnieuw geboren te worden.
Hoe beter iemands karma, des te goddelijker en reiner hij is, en des te hoger zijn sociale positie. De ongelijkheid in de maatschappij is hierdoor aanvaardbaar voor de hindu.
De verlossing (moksha) kan worden bereikt door inzicht en samenhang van de ziel (atman) met het brahman. Yogameditatie helpt hierbij.
Aan de grondslag ligt het ‘kastenstelsel’, dat de mensen vastpint in de sociale klasse waarin ze geboren zijn.
Om als heersers te kunnen blijven fungeren wilden ze hun ras zuiver houden en zonderden de Ariërs zich hierdoor af van de oorspronkelijke bevolking, zoals de donkerhuidige Dravidiërs. ‘Arya’ betekende iets als ‘nobel’ of ‘edel’. Hun hoofdkasten waren al: -brahmana’s, priesters -ksatria’s, krijgslieden en vorsten -vaisya’s, kooplieden Daaronder stonden de sjudra’s, arbeiders en boeren, en paria’s die tot geen enkele kaste behoorden. Paria’s waren onder andere slaven en krijgsgevangenen en worden ook wel harijans of onaanraakbaren genoemd.

Karma

Hindu’s geloven dat hun Schepper hen in een sociale positie plaatste wegens hun goed of slecht gedrag in een vorig bestaan. Die positie kunnen zij niet veranderen.
Dat is het ‘karma’, de goddelijke wet. Voor Hindu’s uit lagere kasten ligt de hoop niet in dit leven, maar in een volgend bestaan.

Levenswijze

Hinduïsme is voor de meeste Hindu’s zowel een levenswijze als een godsdienst, die zich echter kan aanpassen aan uiteenlopende godsdienstige opvattingen en praktijken.
Daarbij horen het kastenstelsel, de weduwenverbranding en de geweldloosheid.
Dat men door een ascetisch leven en in geweldloosheid met een volksbeweging een staat kan opbouwen, toonde Mahatma Gandhi (1869-1948) alleszins aan.
De weduwenverbranding (suttüsme) en het doden van niet gewenste dochters werd in de 17de eeuw verboden door de Mogols (mohamedaanse koningen).

Puranas

Toen het hinduïsme een beetje knel geraakte ingevolge de populariteit van het buddhisme lanceerde het, naast de oudere heldendichten, de ‘puranas’ (verhalen uit de voortijd) om zichzelf een soort heilige literatuur te verschaffen.
Dit kernpunt hield in dat iemands daden in het leven het niveau bepalen waarop hij in een volgende wordt herboren.
Er bestaat echter geen Hinduhemel. Toch geloofde men nu dat er een toestand kan komen van ‘niet-zijn’, m.a.w. dat het terugkeren niet meer mogelijk is.
Een goede daad werd een heilige plicht.

Duizenden goden, geen priesters

Iedereen moest zijn plicht doen zonder na te denken over de gevolgen. Doden was niet altijd zondig, als de reden maar rechtvaardig was. Een Hindu kan een volledig persoonlijke relatie met de goden te onderhouden, zonder dat men daarvoor een ritueel of een priester nodig had.
Het hinduïsme heeft vele goden. De drie belangrijkste zijn Brahma, de Schepper-God, Vishnu, de bewaarder, Shiva, de vernietiger. Alle drie werden ze afgebeeld met verscheidene armen en hoofden als symbolen van hun bovenmenselijke macht.
Het hinduïsme omarmt in beginsel alle vormen van religiositeit en streeft geen selectie na. Het is ‘tolerant’ in die zin, dat het aan ieder individu zelf overlaat hoe en onder welke naam hij het goddelijke wil vereren
Elkeen moet dat geloof bezitten en de cultus aanhangen die het beste bij zijn geestelijk niveau en aanleg past. Het hindugeloof is eerder geneigd een afwijkende leer of cultus als minder doelmatig dan als onjuist te beschouwen.
Volgens de visie van de Indiërs is er zelfs geen onderscheid tussen monotheïsme en pantheïsme. Wie een godheid vereert, vereert alleszins de ene Schepper.
De Hindu’s zijn hierdoor niet aan een cultus gebonden. Zij kennen geen dogma’s en een bindende belijdenis is niet verplicht.
De meningsvrijheid gaat zo ver dat men een hindu blijft als men in belangrijke opzichten van andere hindu’s afwijkt of een niet-Indische godsdienst aanneemt.
Er zijn bijvoorbeeld diverse stammen die natuurgodsdiensten aankleven, die door hindugebruiken als vegetarisme, reinheidsvoorschriften en bepaalde cultusvormen aan te nemen of door hun goden met hindugoden te identificeren, gedeeltelijk gehinduïseerd zijn.
Verwerping van de autoriteit van veda en brahmanen was daarentegen eeuwenlang de belangrijkste reden om boeddhisten en jaina’s als ‘heterodox’ te beschouwen als bewegingen die zich buiten de hinduïstische traditie stelden.
Als geheel kent het hinduïsme noch een begin, noch een stichter, noch enige autoriteit in religieuze vragen, noch een organisatie. Het hinduïsme heeft dus geen Paus of Vaticaan.