Tempelen In Hampi


rivier Hampi“Hampi is een geweldige plek. De weg ernaar toe gaat door droog en dor gebied, maar rondom Hampi is het een oase van groen. Overal staan palm- en bananenbomen, er stroomt een rivier en waar je ook kijkt, zie je stenen. Niet zo maar stenen, maar van die megagrote rotsblokken. Het lijkt wel alsof iemand ooit ergens in een grindbak gegraaid heeft en ze hier heeft rondgestrooid. Overal staan grote en kleine tempels en midden in het stadje is het een drukte van belang. Heilige mannen zijn in gebed. Hun weeklagende gezang is door het hele stadje te horen. Heilige koeien, winkeltjes, restaurantjes, vrouwen in sari’s en veel Indiase toeristen bepalen het straatbeeld. Voor vijf euro per nacht vinden we een prima hotelletje en na een verkwikkende douche voelen we ons weer mens. Na negenen gaan we op pad om een hapje te eten, maar het is duidelijk dat Hampi geen bruisend nachtleven heeft. Terwijl we onze Indiase curry met naan verorberen, worden we lastig gevallen door tientallen muggen. Het wordt zo erg dat we ons eten naar binnen proppen en naar onze kamer vluchten. Daar staat de ventilator zo hard te draaien dat we van muggen geen last hebben en ondanks dat we eigenlijk weinig anders gedaan hebben dan op de motor zitten, vallen we als een blok in slaap.

Vandaag gaan we weer eens ouderwets ‘tempelen’. Er staan er hier in de omgeving tientallen. Groot, klein en mooi maar ook vervallen en de meesten zijn een paar honderd jaar oud. Hoewel het leuk is om de tempels te bekijken, ben ik nog meer onder de indruk van de stenen en rotsblokken. Veel stenen hebben dezelfde vorm als een ronde kiezelsteen, maar zijn dan soms wel meters in doorsnee. En ze liggen vaak op elkaar, op zo’n manier dat je je afvraagt wanneer er eentje van de andere af zal storten en naar beneden rolt. Hopelijk gebeurt dat nooit, want als de stenen hier aan het rollen gaan, is het einde Hampi, dat is duidelijk.

Vandaag is weer zo’n ouderwets hete dag. Onze thermometer wijst 45 graden aan en we lopen tijdens onze rondgang van schaduw- naar schaduwplekje. Halverwege de middag komen er schapenwolkjes aan de horizon en na een paar uur zijn het grote witte vlokken, die bijna licht lijken te geven. Hier kun je echt zien hoe de wolken achter elkaar hangen en zie je verschil in afstand, welke wolk dichterbij is en welke verder weg. Ik sta intussen zo’n beetje m’n verstand te vergapen aan dit moois en maak de ene na de ander foto, in de hoop dat je op de foto ook een beetje kan zien hoe overweldigend dit is. We maken nog een filmpje en fotograferen wat uit het dagelijkse leven hier. Mensen die water halen, die de vaat doen bij de pomp, kinderen die rietsuiker van een aanhanger proberen te stelen en zo maar wat huisjes en een erf.

’s Avonds, net voordat we willen gaan eten, klinkt er een enorme onweersdreun en dan valt de stroom uit. Op de kamer is het zonder ventilator helemaal niet te harden en we gaan dan ook snel naar buiten. De eerste druppels vallen al en we hopen op een flinke hoosbui, zodat het wat afkoelt. Maar meer dan drie druppels tellen we niet. Misschien maar goed ook, want veel mensen slapen hier buiten. Terwijl we in het donker terug naar ons hotelletje lopen, komen we langs huizen waar de lokale bevolking woont. Buiten staan de bekende canvas bedden en liggen dunne rieten matjes. De mensen slapen hier, zo op de straat en het is vreemd om gewoon tussen hen door te wandelen.”

Het gehele reisverslag is te vinden op de website van Ries en Pam.
Auteurs: Ries en Pam
Website: enkeltjebangkok.nl